De geschiedenis van de Dalmatische hond is met raadselen en
onduidelijkheden omgeven. De naam Dalmatier is pas tijdens het
einde van de 18e eeuw ontstaan. Maar de bron van deze naam
blijft tot de dag van vandaag onduidelijk.
In die tijd had men een koningsmantel die dalmaticus heette.
 
Nog verder terug noemde men een groepje
jagende honden die op herten jaagden een
Dama-chien. Via dit spoor vinden we veel verder
terug dan de 18e eeuw al verwijzingen naar
witte honden met zwarte spikkels.
Zelf op muurschilderingen in de graftomben van
de oude Egyptische Farao's herkennen we een
witte jachthond met spikkels over zijn hele
lichaam.
Ook de zigeuners die rondtrokken in het gebied van de
mediteranee hadden jachthonden die wit met stippen waren.
In dit gebied ligt ook de streek Dalmatie.

Vast staat dat de uiterlijke verschijning van onze huidige
Dalmatische hond te danken is aan de fokkerij van de Engelse
adel. Zij gebruikten vanaf begin 19e eeuw deze honden als
begeleiders van hun rijtuigen en zodoende werd de Dalmatische
hond een adellijke verschijning met een groot
uithoudingsvermogen en minder jachtpassie dan wellicht zijn
voorouders hadden.

Weliswaar was de hond in die tijd nog geen huisgenoot en werd
hij in de stallen gehouden tezamen met de paarden, waar hij
tevens dienst moest doen als ratten en muizenvanger.
Pas met de komst van de hondententoonstelling aan het einde
van de 20e eeuw veranderde de positie van de hond
fundamenteel.


 
Men ging naast het fokken op
gebruiksdoelen zich ook richten
op uiterlijke schoonheid en op
het verkrijgen van een zo mooi
mogelijk vlekkenpatroon.
De geboorte van onze huidige
Dalmatische hond was een feit!
De geschiedenis in Nederland

Voor de tweede wereldoorlog was de Dalmatische hond in Nederland
nauwelijks bekend. Dhr. de Graaff van de kennel " of High Trees" maakt
in zijn memories melding van het voor het eerst aanschouwen van een
op een dalmaat gelijkende hond in 1938.
De Graaff wordt met zijn of High Trees Dalmatische honden in Nederland
gezien als een van de grondleggers van het ras. Juist voor de oorlog
schafte hij zijn eerste Dalmatische teef aan welke hij wilde laten dekken
toen de oorlog begon.

De paar Dalmatische honden die ons land rijk was verwenen bijna
allemaal tijdens de oorlog. Dhr. de Graaff had zijn teefje weten te
behouden en deed vlak na de oorlog verwoede pogingen haar door een
goede reu te laten dekken. Via zijn contacten door heel Nederland heen
wist hij samen met enkele andere Dalmatierliefhebbers het ras nieuw
leven in te blazen.

Op 29 november 1947 werd de Nederlandse Club voor Dalmatische
honden opgericht. Al snel volgde de eerste clubshow waarbij een eerste
inventarisatie van de stand van het ras mogelijk was.
Met behulp van de engelse keurmeester mrs. Frankling werd er gekeken
hoe men het ras in Nederland kon verbeteren. De eerste stappen
daartoe waren enkele importeren vanuit Engeland waar het ras na de
oorlog op een veel hoger peil stond.

Enkele bekende importen uit die tijd waren kamp. Spike of Nutkin, kamp.
Winnal Ajax, kamp. Pengewood Blue Ribbon en kamp. Winnal Lancer.
Deze honden staan allen aan de basis van de Nederlandse fokkerij.
Er volgden enkele jaren van verbetering en terugval. Op de jaarlijkse
clubshow stonden mooie adellijke types naast de ouderwetse kleinere
gedrongen types. Het bleek nog een lange weg te gaan naar meer
uniformiteit zoals men dat in Engeland reeds kenden.

Vele importen met name uit Engeland volgden. Er kwamen enthousiaste
fokkers bij die zich vol overgave storten in de verbetering van het ras.
Fokkers van het eerste uur droegen hun kennis over aan de nieuwe
lichting en de club bleef al die jaren de band tussen de liefhebbers van
dit ras.

Momenteel wordt er voornamelijk gefokt met oude Engelse lijnen
gecombineerd met vele Scandinavische bloedlijnen. De Nederlandse
Dalmatische hond heeft zich de laatste jaren sterk verbeterd hetgeen
voornamelijk te danken is aan een groep standvastige fokkers die zich
al jaren lang om dit ras bekommeren.